De Cité van Carcassonne ligt op een heuvel boven de rivier de Aude (Occitanië) en vormt al eeuwenlang een strategisch bolwerk op de route tussen de Middellandse Zee en de Atlantische Oceaan. De middeleeuwse cité werd in 1997 op de Werelderfgoedlijst van Unesco geplaatst en trekt jaarlijks miljoenen bezoekers. Ondanks die populariteit blijft een wandeling door de smalle straatjes en over de vestingmuren een ervaring die echt de moeite waard blijft.

Oude en nieuwe stad
Carcassonne ligt op ongeveer 90 km ten zuidoosten van Toulouse. Als je ernaartoe rijdt dan zie je al van verre de hoger gelegen vestingstad. De metershoge muren ontsluiten de gehele oude stad, die toegankelijk is via twee toegangspoorten. Aan de voet van de vestingstad ligt de benedenstad, Bastide Saint-Louis, ook wel de ‘nieuwe’ stad genoemd — al is dat relatief: ze werd al in de 13e eeuw gesticht. De meeste gevels die je nu ziet dateren uit de 17e en 18e eeuw. Ook hier is het aangenaam struinen: rond de Place Carnot vind je winkels, cafés en op dinsdag, donderdag en zaterdag een markt onder de overdekte hallen.

De Cité bezoeken
Maar terug naar de Cité. Achter de dubbele stadsmuren ligt het historische hart van Carcassonne, waarvan de oorsprong teruggaat tot de Romeinse tijd. De vesting kreeg haar huidige, bijna sprookjesachtige uiterlijk vooral dankzij de grootschalige restauratie van architect Eugène Viollet-le-Duc in de 19e eeuw. Zijn aanpak was niet altijd historisch onomstreden: zo voorzag hij veel torens van spitse leistenen daken, terwijl historici denken dat hier oorspronkelijk eerder rode dakpannen lagen. Zonder zijn ingrijpen zou Carcassonne waarschijnlijk niet zijn uitgegroeid tot het sprookjesachtige monument dat we nu kennen.

Dwalen door de binnenstad
De meeste bezoekers kiezen voor de Porte Narbonnaise, eeuwenlang de belangrijkste toegang tot de vesting. Zodra je door een van beide poorten loopt, verdwijnt het verkeer en stap je een compleet andere wereld binnen. Je loopt hier onvermijdelijk langs souvenirwinkels en ijszaken, maar kijk vooral ook omhoog en om je heen. Veel van de huizen dateren nog uit de 12e en 13e eeuw, en het stratenplan is nooit veranderd. Verlaat ook vooral de hoofdstraat, de Rue Cros-Mayrevieille is de belangrijkste toegangsroute, maar juist in de kleinere zijstraatjes ontdek je de mooiste gevels en rustigere hoekjes van de Cité. Dit is het leukst van Carcassonne: ronddwalen door prachtige straatjes, zonder vooropgesteld plan. Toch liever met een gids op pad? Hier vind je rondleidingen van het toeristenbureau

Niet missen: de basiliek
Hoewel gewoon ronddwalen een aanrader is, zijn er twee bezienswaardigheden die je niet wilt missen. Ten eerste de basiliek van Saint-Nazaire. Van buiten lijkt deze kerk eerst misschien niet zo bijzonder, maar kijk toch omhoog naar de gargouilles, de waterspuwers die je in de gaten lijken te houden. En als de kerkdeuren open zijn, loop dan vooral even naar binnen. De kerk is een mooie mix van romaanse en gotische architectuur en staat bekend om de kleurrijke glas-in-loodramen, die tot de mooiste van Zuid-Frankrijk behoren.
Het grafelijke kasteel en de stadswallen
De andere belangrijke bezienswaardigheid is het Château Comtal. Dit grafelijke kasteel werd in de 12e eeuw gebouwd door de familie Trencavel. Binnen bezoek je de vertrekken van de voormalige graven van Carcassonne, maar het hoogtepunt is misschien wel de wandeling over de vestingmuren, die je vanuit de tuin van het kasteel kunt bereiken. Vanaf de wallen heb je een prachtig uitzicht over de torens, de benedenstad en de omgeving. Ook zie je hier pas goed hoe ingenieus de dubbele verdedigingsring is opgebouwd: wie de eerste muur wist te doorbreken, kwam terecht in de smalle strook tussen beide muren en was daar een gemakkelijk doelwit voor de verdedigers.
Of je nu een paar uur blijft of een hele dag uittrekt voor je bezoek, met een beetje voorbereiding beleef je Carcassonne op zijn mooist. Deze praktische tips helpen je op weg.
Praktische tips
De grootste drukte ontlopen? Mijd in het hoogseizoen dan de periode tussen 11.00 en 17.00 uur, midden op de dag kan het behoorlijk druk worden in Carcassonne. Wie vroeg op pad gaat, wordt beloond. Rond acht uur ’s ochtends zijn de hoofdstraten vaak nog bijna leeg en openen de eerste winkeliers en bakkers hun luiken. ’s Avonds is een bezoek aan de verlichte Cité ook bijzonder en het Office du Tourisme organiseert avondrondleidingen in het Engels.
Parkeren kan op de parkeerterreinen bij de Porte Narbonnaise (P0/P1) en de Porte d’Aude (P2). Reken in het hoogseizoen op ongeveer €12 à €13 voor een hele dag. Wie liever gratis parkeert, kan uitwijken naar de benedenstad; vanaf daar is het ongeveer 20 minuten lopen.
De Cité — de straten, de basiliek, de winkels — is altijd vrij toegankelijk. Het Château Comtal en de vestingwallen (ca. €13 entrée) zijn geopend van 10.00 tot 18.30 uur in het hoogseizoen (laatste toegang 17.45 uur), en van 9.30 tot 17.00 uur in oktober t/m maart.
Draag comfortabele schoenen. De straten in de Cité bestaan grotendeels uit ongelijke kasseien en wie de vestingmuren bezoekt, loopt over trappen en oude stenen paden.
Na afloop op zoek naar een terrasje om bij te komen van alle impressies? Tussen Place Marcou en Place Saint Jean vind je de meeste bars en cafés.
Voor een leuk restaurant hoef je niet binnen de muren te blijven. In de Cité vind je vooral veel toeristische restaurants; in de Bastide Saint-Louis (de benedenstad) en de omgeving van de rivier zitten ook uitstekende adressen waar locals graag komen.
Foto’s maken? Voor het mooiste uitzicht loop je naar de overkant van de rivier de Aude. Vanaf de Pont Vieux en de oevers rond de rivier heb je het klassieke uitzicht op de dubbele stadsmuren en de torens van Carcassonne.
La Cité de Carcassonne, meer informatie: www.tourisme-carcassonne.fr

Fietsstad Carcassonne: geliefde stop van de Tour de France
Carcassonne en de Tour de France zijn al decennialang met elkaar verbonden. De stad was in 1947 voor het eerst startplaats van een Touretappe en schreef toen meteen geschiedenis: Albert Bourlon won na een solo-ontsnapping van maar liefst 253 kilometer, nog altijd een record. Sindsdien deed de Tour de stad regelmatig aan. Op dinsdag 7 juli 2026 is Carcassonne opnieuw vertrekplaats, dit keer van etappe 4 richting Foix.

Zelf de fiets pakken tijdens je bezoek? Dat kan met CYCLOlibre, de elektrische deelfietsen van de gemeente. Ontgrendelen kost €1, het eerste kwartier is gratis, daarna reken je €0,05 per minuut (zo’n €3 per uur).
Festival de Carcassonne – 2 juni tot 29 juli 2026
Een andere reden om Carcassonne in de zomer te bezoeken is het jaarlijkse Festival de Carcassonne. Op het programma staan meer dan honderd concerten en voorstellingen – Franse en internationale theatervoorstellingen, variété, circus, dans, jazz, opera, klassieke muziek – waarvan vele gratis toegankelijk zijn op verschillende prestigieuze locaties in de stad, inclusief La Cité. Meer informatie: www.festivaldecarcassonne.fr

LEES OOK:
De mooiste dorpen en stadjes van Occitanië
Tekst: Josee Schouten & Nicky Bouwmeester Beeld: Depositphotos.com, Unsplash fietser voor La Cité: Office Municipal de Tourisme, Festival de Carcassonne ©Julien Roche,
Geen reacties